ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

Dood

 

Dood zandkasteel

In de vloedzee van Gods liefde zal de dood niets anders blijken te zijn dan een zandkasteel

Christus is opgewekt uit de doden (meervoud, niet uit de dood als enkelvoud)

Hij is opgewekt als de Eersteling van hen die ontslapen zijn.

Hij is de Eerste uit een heel lange rij.

Hij is Gods bruggenhoofd van de nieuwe mensheid.

Wat aan Hem is geschied, zal ook aan ons geschieden

De grote oogst komt nog in de zomer van Gods toekomst

Jezus zei Wie in Mij gelooft, zal leven ook als is hij gestorven

Lazarus is uit de dood teruggeroepen.

Jezus is door de dood héén gegaan

Rooms-katholieken bidden voor de overledenen, Protestanten voor de overlevenden

Bonhoeffers dood 

Tien jaar na Bonhoeffers dood schreef de kamparts van Flossenburg waar de terechtstelling van Bonhoeffer plaats vond:

 Door de half open deur van een kamer in de barakken zag ik, voordat hij zijn gevangeniskleding uittrok, pastor Bonhoeffer neergeknield in innig gebed met zijn God.

 De manier van bidden, zo vol overgave en zo zeker van verhoring, van deze buitengewoon sympathieke man heeft me zeer aangegrepen. Ook op de terechtstellingplaats zelf verrichtte hij nog een kort gebed en beklom toen moedigt en kalm de trap naar de galg. De dood volgde na een paar seconden. Ik heb in mijn vijftig jaren praktijk als dokter zelden een man zo vol overgave aan God zien sterven’

 

Herrezen aan de overzijde van het graf!

Christus is verrezen aan de andere zijde van het graf

Hij  heeft de dood voor ons allen gemuilkorfd

Op de Paasmorgen ontdekte de doodsmacht dat hij dit keer geen slaaf in zijn residentie herbergde

Jezus Paasgroet Maria, heeft de nabijheidswerking van een liefkozing

Jezus Christus, de verrezen Paasvorst is de Enige die eeuwig leven hééft en eeuwig leven gééft

Geloven is niet een weg die doodloopt, maar die door de dood héén loopt

De dood overkomt weliswaar alle heiligen, maar de heiligen overkomen de dood

Dood is vreselijke vijand.

De dood is voor ons een vijand, een ongenode gast en een ongewenste vreemdeling 

Christus heeft de dood niet weggenomen, maar hij heeft wel het venijn, het vergif uit de dood weggezogen.

We zouden zo graag even over harde rand van het eindige en tijdelijke leven heenkijken om het landschap achter die wrede demarcatielijn te verkennen.

 We zouden zo graag  aan deze zijde enkele signalen opvangen  van de Overzijde.  

Zo zouden wij een vluchtige indruk kunnen krijgen van wat achter de grote horizon van de dood ligt. De doden hebben echter hun hemelladders achter zich omhoog getrokken en wij hebben het nakijken. .

Er is geen volk geweest dat zo intens over de dood heeft nagedacht als het volk van de Farao´ s.

De gemiddelde leeftijd onder hen was niet hoger dan 20- 30 jaar.

De Egyptenaren dachten dat je de dood die voor ons een vijand is,te vriend  kon houden door allerlei magische rituelen.

Ook de beelden en figuren op de wanden van het graf konden door de magische spreuken van de priesters tot leven gebracht worden.

De oude Egyptenaren  meenden  dat je de dode allerlei dingen kon meegeven, die hij nodig had in de onderwereld.

Het lichaam was voor hen heel belangrijk.

 Zij zeiden niet Ik heb een lichaam, maar ik ben een lichaam. Zonder lichaam was er geen leven na dit leven. Daarom was de mummuficatie een belangrijk onderdeel van het begrafenisritueel

Tal van teksten werden op grafwanden, sarcofagen, amuletten en papyrusrollen aangebracht. Men noemde die de “dodenboeken”.

Het waren reisgidsen voor de dode op weg door de onderwereld.

De onderwereld stelden de Egyptenaren zich voor in het westen. Dáár ging de zon onder. Vandaar dat alle piramiden en rotsgraven op de westelijke oever van de Nijl liggen.

In het dodenboek 125 lezen we hoe de doden verschijnen voor Osiris, de god van de onderwereld. Hij was ook de dodenrechter.

Hij hanteert een weegschaal. Het hart van de dode wordt op de ene schaal gelegd en het teken van MA-AT, gerechtigheid op de andere schaal.De mens kon aan het laatste gericht ontkomen door de z

ogenoemde “negatieve confessie”, die een magische functie had. Ik heb nooit gestolen, nooit iemand belasterd enz. enz.Dan had hij ook nooit gestolen enz.

Boek des Levens

In Openbaring  20: 12  lezen we  daarentegen over het Boek des Levens, dat is het receptiealbum waarin de namen staan opgetekend van allen die uitgenodigd zijn voor het feest van de bruiloft van het Lam.

Het viel mij op in Johannes 5 : 24 dat niet alleen God, maar ook Jezus Christus,  leven heeft in zichzelf. Wij hebben geen leven in ons zelf. Wij lopen met de dood in de schoenen. Hij niet. Hij is van Hoge Komaf.!

Hoe is het hiernamaals?

We moeten ons nu tevreden stellen met de sobere mededelingen van  het apostolisch getuigenis.  Vooral het woord van de Heiland die gezegd heeft :"Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven

Hij geeft ons de zekerheid dat we gereserveerde plaatsen hebben in de hemel waarvan het toegangsbewijs al betaald is.

De trekkracht van Gods beloften is sterker dan de zuigkracht van de dood.

 

Drie gestalten van de dood

Er zijn drie gestalten van de dood: klinische dood, biologische dood en eeuwige dood.

Klinisch dood is een stadium waarbij alle uiterlijke tekenen van leven (bewustzijn, reflexen, ademhaling en hartactiviteit) afwezig zijn, maar het organisme als geheel nog niet dood is.

De stofwisselingsprocessen van de weefsels gaan nog door en iemand kan nog worden teruggebracht door  de juiste therapie.

 Als niet wordt ingegrepen wordt het stadium van klinisch dood gevolgd door een stadium waarvan geen weg terug is: biologische dood.

Bijna-dood-ervaringen

Mensen die klinisch dood geweest zijn vertellen hun verhalen.

Er zijn verschillende overeenkomsten. Ze hebben een zekere schroom om er over te vertellen.

Er vindt volgens hen een buiten-het-lichaam-treden plaats. De film van je leven trekt  aan je voorbij (komt nogal voor bij bijna-verdrinking).

 In deze film is de mens zelf toeschouwer en tenslotte ook de tunnel-ervaring

Ze moeten eerst door een eindeloos lange tunnel heen waarin ze een intense angst beleven.Er schijnt maar geen einde aan die tunnel te komen. Daar

na zien de meesten een groot licht, soms gepaard gaande met prachtige kleuren en wondermooie muziek.

De jaren negentig worden wel eens genoemde de Decade van de Dood.

Enerzijds heersen er doodsverachting en doodsdrift, anderzijds doodsangst en stervensnood.De  Paus sprak over een ware cultuur van de dood.

Jeugd en vitaliteit worden vereerd als nieuwe afgoden. De mensen van de vorig eeuw  hebben twee wereldoorlogen,meegemaakt, de  totalitaire regiems van Hitler en Stalin, en de volkerenmoord in Afrika..

De Spaanse griep sleepte in 1918  20 miljoen mensen naar het graf.

Onder Abortus worden 50 miljoen levens-in-wording jaarlijks afgebroken. Jaarlijks beëindigen 800.000 mensen hun leven door zelfdoding. Er zijn slechts drie vragen: de vraag naar God, de vraag naar de dood en de vraag naar de zin van het leven

Opstandingsgeloof

Tegenover   de cultuur van de dood  predikt de christelijke kerk het opstandingsgeloof. De kerk bindt de strijd aan tegen de machten van de dood

“Ik ben als de dood voor de dood” zei Wim Kan. God is echter niet een God van doden, maar van levenden (Luc.20 : 38).

In het Oude Testament is er sprake van de sjeool, het dodenrijk, waar de schimmen een schaduwachtig bestaan leiden.

Toch is er in het O.T. sprake  van dat de Israëlieten meer verwachten: Op uw heil wacht ik o Here, (Gen 49). In het Nieuwe Testament breekt de Paasjubel pas echt los;

Want nu de Heer is opgestaan, nu vangt het nieuwe leven aan.

Wij zijn geen christenen tot een bepaalde datum, omdat aan het christelijk geloof de hoop verbonden is, die niet beschaamd.

.God grijpt na ons sterven ook niet in een leegte, maar Hij bewaart onze identiteit door alle veranderingen heen.

De golven van de Geest die wij ontvangen hebben staan garant voor de zee die volgt

Niets scheidt ons van Christus

Zelfs de dood zal  ons niet kunnen scheiden van de liefde van Christus. Paulus is daarvan overtuigd Want ik ben verzekerd dat niets ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods welke is  in Jezus Christus (Rom. 8)

Het christelijk geloof is niet opgesloten binnen onze ervaringswerkelijkheid, maar het richt zich op de Woordopenbaring.

Daarom hebben wij een gegronde toekomstverwachting